Thursday, September 20, 2018

Net niét (2)

Ik was een schim van mezelf toen Helena en ik uit elkaar gingen. We schrijven het chaotische jaar 2004. Ik verfde mijn haar zwart en zoop me te pletter. Er bestaan zelfs beelden van, van een schreiende ik na een bezopen 'feestje' op mijn kot te Gent. Liefdesverdriet , zo stelde mijn psychiater, is alsof er een stuk schouder uit het lichaam wordt gerukt. Een vreemde uitdrukking, maar ik kon er in komen. Helena was het belangrijkste in mijn leven, niét mijn diploma, nét niét mijn diploma...

Ik zoop me dus te pletter, en ik ging vaker uit dan me lief was. Op zoek naar een nieuwe liefde? Losbandige seks? Ik wist het dus allemaal niet meer, dus ik deed maar zowat. Mijn studies verwaarloosde ik net niét, ik had dus toch nog de moed om door te gaan met mijn opleiding Vrije Kunsten. Mààr het was wroeten, zweten, huilen en nog eens huilen...

Ik zette dus door en moest geen herexamens doen. Ik ontmoette 'flower girl' waar ik een liedje aan wijdde, mààr ze vond mijn avances eerder storend. Doch, ik had een resem vrienden die me steunden. Ik betrapte mezelf soms zelfs nu en dan op een glimlach en het cafébezoek was 'nachtelijke routine'.

Ach, het was het einde van de wereld niet, maar makkelijk was het niét. Gelukkiglijk was er de muziek. Ik schreef het verdriet van me af en dit leidde tot een handvol prachtsongs...Op 'My dear' zong ik 'Summer came, but you didn't come for sure, fall is here, please come to me , my dear...'

Uiteindelijk werd ik Meester in de Beeldende Kunsten eind juni 2005 met een dubbel gevoel. Op de diploma-uitreiking zoop ik me terug te pletter. En huilde ik als een kind. Ik lag op de grond, als een slappe vod, half walgend van de champagne.

Doch, het kwam goed. Op het Dour-festival van 2005 ging ik loos op spetterende acts als The Neon Judgement, Anne Clark enz...Ik waande me in een film. Een tragikomedie. Ik ontmoette er een bijzonder leuk ogend Waals meisje G. . Ik werd net niét verliefd...

TBC

(dv)






Nostalgiewinkel

Het valt me op dat het in het Tranendal, sinds jaar en dag mijn werkgever, soms wat vreemd 'aarden' is. Mensjes die ei zo na de controle verliezen, maar toch zichzelf staande houden. Via een simpele babbel, een schouderklopje...
Maar alles komt op zijn pootjes terecht. Zo zie ik ook mijn leven.
Al betreft mijn leven soms een ware beproeving, mijn oeroude hart durft wel eens een tel over te slaan, zo denk ik soms, het is soms 'doodgaan' zonder te sterven...

En o' wat zou ik graag Herman Brusselmans zijn. Lena, met wie hij een paar vormt, is knap en sluit niet uit dat zij en haar 'Straaljager der Vlaamse Letteren' kinderen willen. Ik ben snel jaloers, ziet u.

Ik dool wat rond, en ben voorlopig nog wat te onstabiel om een meisjeshart te veroveren, laat staan dat ik een gezinnetje sticht en voor een kind zorg. Niettemin gun ik , ondanks mijn jaloezie, Brusselmans en zijn meisje het grootste geluk...

Voorlopig is het wat 'ondergaan'...: de pijn, de 'blues', maar kijk: morgen start de herfst, mijn favoriete seizoen, waar weemoed en lichte vrolijkheid elkaar vinden...Ik vind dat poëtisch!

Kortom: er is nog werk aan de winkel. Werk heb ik al, later begin ik een ' nostalgiewinkel' wat dat ook moge betekenen.
Nostalgisch en steeds hoogachtend,

(dv)


Wednesday, September 12, 2018

Net niét

Ik bevond me in het elitegroepje van het Tranendal, sinds jaar en dag mijn vaste werkgever, en ik was kotsmisselijk. De grote hoeveelheden koffie deden me das om. Ik gaf net niét over én besliste om een tekst te schrijven. Over het lieve leven en hoe het te lijden. Of néé: over mijn eerste avonturen in Gent.
Ik héb al afgezien als de beesten, het wordt tijd om daar komaf mee te maken. Een nieuwe stap zetten richting een goed gevoel. Klinkt als 'Libelle' of de 'Flair', maar dàt zal mij worst wezen. Mààr daar wil ik naar streven: een goed gevoel: pijnloos, op 'karakter' het leven wederom kleurrijk vorm te geven.
Zoals tijdens the good old days .
We schrijven het jaar 1999, een jaar om in te kaderen. Ik deed voor de tweede maal het zesde middelbaar en ontmoette een bijzonder meisje, Helena geheten. Ze hield eveneens van rock-'n-roll. Kortom : een meisje naar mijn hart. Zo had ze bijvoorbeeld een cassetje gemaakt met allerlei (pop)rocksongs die ze van haar vader had leerde kennen. Songs nét onder de drie minuten.
Uiteindelijk werden we na een jaar vriendschap een paar en voelde me als God in Frankrijk.
Het eerste jaar op kot in Gent! Ik voelde me er direct thuis. Ik koos uiteindelijk voor een zevende jaar Bijzonder Beeldende Vorming waar ik kennismaakte met aspirant-kunstenaars. Ik leefde er op los. Ik rookte weliswaar (nog) niét maar kon me wél vinden in het artistieke milieu. Doch, het werd opletten. Ik was allesbehalve een getalenteerde tekenaar etc....én werd soms scheef bekeken door de leraars die mijn absurde gevoel voor humor slechts sporadisch konden smaken.
Tijdens de lessen waarnemingstekenen moesten we wel eens naar levend model een tekening op papier zette wat me vaak deed duizelen.
Mijn liefje studeerde toen 3-D (3-dimensionale vormgeving). Er schenen toen tien zonnen tegelijkertijd, hoewel mijn kunde voor de Beeldende Kunsten échter zeer middelmatig was.
Helena's kunde daarentegen vond ik magistraal. Ze speelde ook gitaar én had een bandje met haar zus. Ze leerde mij een paar akkoorden kennen én ik schreef al snel mijn eerste song 'Tonight' : een deprimerende song over slapeloosheid: twee baslijntjes en ik was er klaar méé. Hiermede bevestigde ik meteen mijn aanleg voor melancholie. Ondanks het wonderlijke jaar 1999 - een liefje, het leven in een artistiek milieu én de onvoorwaardelijke liefde van mijn ouders - wàs er toch die verdomde melancholie.
Ik schreef ook gedichtjes en wou dat ik - als ik later overlijd - met de gitaar in de armen zou sterven./ 20 jaar later denk ik er nét zo over. Ik zal pakweg in 2050 sterven met de gitaar in mijn armen. Ik vind dat poëtisch. Of net niét ?

(tbc) (dv)

Monday, September 03, 2018

18 jaar en nog géén man (tbc)

Naast de gebruikelijke pesterijen - ik hàd nu eenmaal die rostkop , acné én een bril - heb ik best een aardige schooltijd gehad. Ik leerde er mensen kennen die luisterden naar muziek die voor mij toén ongrijpbaar was: Pavement (té complex), The Velvet Underground (té complex, aheum...), Pixies (???), ...
Mààr al snél keerde het tij. De Spice Girls konden mijn kloten kussen, Roxette vond ik wat commerciel enz....
Rock Torhout '97en '98 waren een mijlpaal, een openbaring. Sheryl Crow, Smashing Pumpkins, (Garbage), The Prodigy, Björk én vooral Evil Superstars én The Jon Spencer Blues Explosion toonden me aan hoe het wél moest/kon. Plotsklaps was ik ook te vinden voor 'indie' . Pixies (briljant!), Pavement (nog briljanter!), Eels (geniaal, vooral ten tijde van 'Electro-shock blues')...
En nooit of te nimmer vergeet ik het fantastische optreden van Tindersticks, op Rock Torhout 1998.
De eigenzinnige Britten hadden net hun plaat 'Curtains' uit en bliezen mij omver met hun romantische, melancholische, (bijna) filmische muziek.
Er ging kortom een nieuwe wereld voor mij open. Ook op filmgebied veranderde er véél. De gekkigheid van pakweg 'Ace Ventura' kon ik wel nog smaken, mààr het was het in 1996 gereleaste DRAMA 'Breaking the waves' (Lars von Trier) die me een andere kijk gaf op cinema. Een wàre aardverschuiving, een cultuurschok, zo je wil. Een welgemikte trap in de onderbuik én in de kloten.
Sedertien heb ik die film niét meer durven zien. Ik wil heb bij die éne keer houden. Mijn tranen bewaren.
Làter is me dat slechts nog enkele malen overkomen (het traantje of drie wegpinken bij het bekijken van een film): 'Forrest Gump', 'Trainspotting' en 'City lights' (Charlie Chaplin). De jaren negentig hadden eindelijk een betekenis. Ik werd wat rebelser, maar dit eerder uit onzekerheid...
In de zomer van '98 was er ook mijn eerste liefje Zohra. Ik wist niet goed wat ik moest verwachten van een relatie. Ik deed er alles aan om Zohra te behagen maar liep gebukt onder De Grote Levensvragen. Daardoor liep de relatie uiteindeijk spaak...Ik had tijd nodig om mijn ware 'ik' te vinden...
Ik was verward mààr had eindelijk de muziek gevonden die er , als ik er nu zo over nadenk , altijd al moest geweest zijn: 'indierock'.
Ik denk ook - twintig jaar later - dat als ik wat stabieler was, die relatie met Z. langer had standgehouden.
Ik was 18 én nog géén man...

(dv)