Thursday, March 22, 2018

Donkerzwart part II

Wie geeft er nog om mij ? Echt waar: ik vraag me dat af. En toch: er zijn lieden die om mij geven ook al begeef ik mij niet zo vaak meer in het openbaar om met mensjes te praten. Na drie volzinnen staak ik een conversatie al, omdat ik 'op' ben. Een stuk wrakhout van 38 lentes dat tegenslag na tegenslag krijgt. Nu, ik zei het eerder al, ik werk graag in het Tranendal alwaar ik semi-industrieel werk doe. En vandaag was het -lichtelijk overdreven - een toppertje.
Edoch, wanneer de avond valt, is het miserie troef. Ik geraak maar niet uit eigen beweging aan een aangenaam en/of diepgaand gesprek. FaKebook mijd ik wat liever ook al draag ik enkele creatievelingen hoog in het vaandel.

Confrontatie van de dag: ik laat me nauwelijks op een lach - laat staan een glimlach - betrappen.
Bedenking: ik kan er wél een prachtsong over schrijven.
Conclusie: alles komt goed ?!
Gedachte: dit is te kort door de bocht; eerst moet ik nog vele watertjes doorzwemmen om mijn levenskracht, de will to live én mijn goed humeur te bestendigen.
En: op die verdomde schoolbus zit er altijd een lelijke vent naast mij ipv een jonkvrouw met van die blosjes op de wangen. Ik zou dan een gesprek beginnen maar er dient rekening gehouden te worden met mijn donkerzwarte ziel. Zij mag mij wel eens een knuffel geven, een knuffel in the dark.

Eén  knuffel, die het donkerzwarte, koude in mijn hart verwarmt. Want in mij schuilt er nog géén weerkundige lente, het is er nog altijd winter,

steeds hoogachtend

(dv)

Monday, March 19, 2018

De slachtbank en de hoop

Ik zie beelden van vroeger. Flitsen van genialiteit. Branie. Een kettingrokende cultfiguur, flanerend langs de Grasleie. Ineens wou hij én een film én een boek én een cd maken. In dit laatste zou hij tot tweemaal toe slagen. Nu lag hij op de slachtbank boetend voor de gemene daden die hij gepleegd had in zijn leven. Zijn (punk)hart bloedde om zoveel ellende. Hij wenste dit niemand toe.
Plots moest hij terugdenken - want 'I am nostalgia' - aan het succes dat hij had tijdens het vrij podium in 1995 (!) toen hij een imitatieshow ten beste gaf . Hij imiteerde onder meer Kamiel Spiessens, het meest beroemde en geliefde typetje van Chris Van den Durpel. Lachsalvo na lachsalvo. Sedertien bereikte hij nooit meer zoveel applaus. Zelfs de grootste zuurpruim lachte zich rot om de kwinkslagen van uw dienaar.

Heden is hij echter een schim van zichzelf - ik herhaal het tot vervelens toe.
Ik weet niet wat de toekomst brengt. Ik denk wel eens: het zwaard van Damocles hangt boven mijn hoofd. Ik kan wél teren op succesjes, dat dan weer wél. Maar dat is slechts een druppel op een hete plaat. En hoe moet het nu verder ?
Blijf ik op de slachtbank liggen en wachten op het einde of tover ik wat hoop uit mijn Lucky hat ?
Hopelijk het laatste, ik wil blijven vechten.
 Als je stil blijft, gaat het over...Wat bedoelde Vossieboy daarmee? Ik blijf stil, maar gaat het ooit over? Het geval wil dat ik wat gedesillusioneerd ben. En de Shiny Happy People maar niet kan volgen in de rat race die de samenleving meer en meer is.
Ik zou het nog ver kunnen brengen : stel, ik veer recht uit de slachtbank, begin mijn leven wéér opnieuw en ik bereik wéér succesjes als voorheen. Jà, daar wil ik voor tekenen!

Ineens zie ik het terug positief tegemoet, het ding, dat het leven is. I have a cunning plan : vanavond nog een liedje schrijven over eenzaamheid! Strak plan!
En mij inschrijven voor de volgende editie van 'Belgium's got talent': een treursong ten berde brengen waar duizend mensen om huilen. Weet je wàt? Er is dus die hoop, ook al blijf ik nog even op de slachtbank...

(dv)